Gemeente Rotterdam, Hoge School Rotterdam en NS spreken steun uit voor gezonde werkdruk en respect.
De duizenden stakende schoonmakers krijgen steun uit onverwachte hoek. 3 belangrijke opdrachtgevers erkennen dat de stakende schoonmakers de vinger op de zere plek leggen. Ze tonen begrip voor de respect-voorstellen en zijn bereid zich actief in te spannen voor een gezondere werkdruk voor alle schoonmakers van Nederland. “Ja natuurlijk is doorbetalen bij ziekte normaal” sprak wethouder Florijn van de gemeente Rotterdam vorige week na een bezoek van duizenden schoonmakers. Vandaag hebben ook de Hoge School Rotterdam en de NS beloofd zich in te spannen voor een gezonde werkdruk voor alle schoonmakers. “Wij hebben belangrijke opdrachtgevers overtuigd. Als de schoonmaakbazen nu nog niet ontdooien….”
NS, Hoge School Rotterdam, Gemeente Rotterdam: gezonde werkdruk moet worden gegarandeerd.
De gemeente Rotterdam, Hoge School Rotterdam en NS willen nu hun verantwoordelijkheid nemen. Allen erkennen dat schoonmaken een vak is en dat bij vakmanschap een gezonde werkdruk hoort. Ze beloven de werkdruk en de omstandigheden van hun eigen schoonmakers te verbeteren en zich bovendien in te spannen om de werkdruk voor alle schoonmakers te normaliseren. Ze hebben begrip voor de stakingseisen van de schoonmakers. De schoonmakers vragen een gezonde werkdruk, doorbetaling bij ziekte en 5 dubbeltjes bruto per uur erbij in 2 jaar tijd.
Opdrachtgevers hebben begrip voor stakingseisen; schoonmaakbazen aan zet!
Christiaan Boddeveld is treinschoonmaker en de gekozen vice-president van de Vakbond van Schoonmakers. “ NS steunt onze respectvoorstellen voor de schoonmakers in hun stations, gebouwen en treinen. En ze beloven zich in te spannen voor een gezonde werkdruk voor alle schoonmakers in Nederland, via de Code Verantwoordelijk Marktgedrag. Dat is een énorme doorbraak!” Boddeveld vervolgt: “In ruil daarvoor staan wij nu toe dat de hoogstnoodzakelijke schoonmaak plaatsvindt in de zwaar vervuilde treinen en op de stations. Door onze redelijkheid kunnen de treinen blijven rijden. Wij vragen niet alleen om respect, we geven het ook: aan de reizigers van Nederland.” Khadija Tahiri, ziekenhuisschoonmaker en de gekozen President van de Vakbond van Schoonmakers vult aan: “Dit is heel bijzonder. Wij slagen waar de schoonmaakbazen keer op keer faalden: onze acties hebben belangrijke opdrachtgevers overtuigd. Als de schoonmaakbazen nu nog niet ontdooien…..”
Tahiri wijst op de verbijsterende starheid bij de schoonmaakbedrijven. “Wij vragen geen jackpot. We vragen een gezonde werkdruk, doorbetaling bij ziekte en een paar dubbeltjes meer om onze gezinnen te onderhouden. Maar van de kant van de schoonmaakbazen komt vooralsnog alleen starheid en zuurheid. Terwijl wij hún opdrachtgevers opvoeden en overtuigen. Hun kille houding móet nu echt veranderen!”
Prijzenoorlog
In de schoonmaaksector is een prijzenoorlog gaande. De schoonmaakbedrijven zijn verwikkeld in een extreme concurrentie. Grote opdrachtgevers als de Rijksoverheid, Philips en de banken maken daar misbruik van door voor een dubbeltje op de eerste rang te willen zitten. Jaar-in-jaar-uit wordt er disproportioneel bezuinigd op de schoonmaak. Er worden wonderen verwacht voor onmogelijk lage prijzen. Ten koste van de gezondheid en de omstandigheden van de schoonmakers. Duizenden schoonmakers staken al 3 weken voor doodnormale dingen als doorbetaling bij ziekte, een gezonde werkdruk en meer respect en waardering. Met de toezeggingen van belangrijke opdrachtgevers kan de prijzenoorlog stapje voor stapje bestreden worden.
Hoogstnoodzakelijke schoonmaak
In ruil voor de stellingname van deze belangrijke opdrachtgevers staan de stakende schoonmakers toe dat in hun gebouwen, treinen en stations de hoogstnoodzakelijke schoonmaak plaatsvindt. De schoonmakers willen daarmee opnieuw hun redelijkheid tonen. Sommige treinen en schoolgebouwen zijn door de staking zo vervuild dat de hygiëne in het geding kwam en sluiting niet ondenkbaar was. De schoonmakers zijn bereid vergelijkbare afspraken te maken met opdrachtgevers die eveneens bereid zijn hun verantwoordelijkheid voor een gezonde werkdruk te willen nemen en hun steun uit te spreken.